De behandeling

Als je voor meer dan 10% verbrand bent, krijg je een slangetje in je neus. Dat is voor extra voeding. Die gaat via je neus naar je maag.

Als je huid kapot is, verlies je veel vocht en eiwitten. Daarom is het belangrijk dat ze elke dag precies weten hoeveel je eet en drinkt. Soms kijken ze ook of je genoeg plast. Daarnaast wordt je elke dag gewogen.

Het wisselen van het verband. De pedagogisch medewerkster is bij je.

Je verband moet elke dag worden verschoond en de wonden moeten elke dag worden schoongemaakt. Het schoonmaken van de wonden gebeurt in bad, in de verbandwisselkamer. De dokter kan dan naar de wonden kijken.

En als ze bloed prikken doen ze dat zoveel mogelijk tijdens de verbandwisseling. Niet op je kamer. Daar lig je lekker rustig en valt niemand je lastig.

Je krijgt ook medicijnen. Als je heel veel pijn hebt, word je soms een beetje verdoofd tijdens het verband wisselen. Dan voel en zie je de wonden niet.

De pedagogisch medewerkster is ook bij het in bad doen en bij het wisselen van het verband. Ze is er om jou en je vader en moeder op je gemak te stellen.

Het schoonmaken van de brandwonden in bad.

De dokter komt elke dag kijken naar de wonden. En soms krijg je een andere zalf.